Recensie Lembas Extra 2009Recensie Lembas Extra 2009

Recensie Lembas Extra 2009: Tolkien in Poetry and SongRecensie Lembas Extra 2009: Tolkien in Poetry and Song

Het werk van Tolkien barst van de poëzie. Alleen in The Lord of the Rings staan al meer dan 30 gedichten, variërend van het Ringverse, de ‘Lament for Boromir’ en de ‘Song of Eärendil’. Op Wikipedia is een lijst van meer dan 80 (andere) gedichten opgenomen van de hand van Tolkien! Poëzie is binnen het werk voor Tolkien een veel gebruikte vorm om te communiceren, vaak in de vorm van liederen. Dat lijkt wellicht ouderwets, maar doen we met popmuziek niet hetzelfde?

Het dichtwerk van Tolkien beperkt zich niet tot The Lord of the Rings. We kennen bijvoorbeeld ook de gedichten uit ‘The Adventures of Tom Bombadil’, de lange verhalende gedichten uit The Lays of Beleriand (HoMe III) over Túrin Turambar en Beren & Lúthien en Tolkiens fictieve bewerking van de slag bij Maldon: The Homecoming of Beorhtnoth Beorhthelm’s Son. Recentelijk verscheen The Legend of Sigurd and Gudrún waar in 8-regelige strofes (stanza’s) wordt verhaald over de tragiek van Sigurd de drakendoder en zijn zus Gudrún.

Het mag dan ook niet verbazen dat het dichtwerk van Tolkien een rijke Lembas Extra over dit onderwerp heeft opgeleverd. Bekende Tolkien commentatoren als Tom Shippey, Sjoerd van der Weide en Ben Koolen hebben het thema ter handen genomen en artikelen geschreven over uiteenlopende onderwerpen als Tolkiens alliteratieve poëzie, een ardalogische analyse van The Song of Durin en een uitgebreide bespreking van de gedichten uit The Adventures of Tom Bombadil.

Ook is er werk opgenomen van drie vrouwelijke dichters die zich hebben laten inspireren door de verhalen van Tolkien. Eén van de drie bijdragen is van de hand van Dorine Ratulangie. Haar emotionele gedicht over de liefde tussen een ‘onsterfelijke’ elf en een sterfelijke vrouw, behandelt een thema dat in Tolkiens werk een belangrijke rol speelt.

Meest verrassend is voor mij het artikel van Marion Kippers over Sint Brandaan. Sint Brandaan was een abt uit het zuidwesten van Ierland (nabij Tralee) die leefde van 484 – 577 en bekend werd om zijn reizen. Het verhaal past in de Keltische traditie van de immrama: Ierse verhalen over avontuurlijke zeereizen naar de ‘andere wereld’. Ik was bekend met Tolkiens afkeer voor de Keltische legenden, maar ik wist niet dat (desondanks) de verhalen van Sint Brandaan zo’n grote invloed hebben gehad op The Notion Club Papers en dat hij er zelfs een gedicht over schreef: Imram. Daarnaast staat Tolkiens werk vol van avontuurlijke zeereizen naar de ‘andere wereld’, en concludeert Marion Kippers overtuigend dat Tolkien het verhaal gebruikte om eenzelfde soort brug te vormen tussen zijn eigen mythologie en de echte wereld. Denk bijvoorbeeld aan de reis van Eriol (Aelfwine) uit The Book of Lost Tales.

Heel aansprekend vind ik ook het stuk van Renée Vink. Zij behandelt de invloed van Tolkiens gedicht Mythopoeia op A.S. Byatt’s gedicht ‘The Garden of Proserpina’ (te vinden in de prachtige roman Possession). Beide gedichten behandelen thema’s als subcreatie, taal en mythologie en Renée Vink betoogt dat A.S. Byatt haar gedicht als reactie schreef op de ideeën die Tolkien verwoordde in Mythopoeia en On Fairy Stories. Sterker gezegd, als we de roman beschouwen in de post-moderne traditie, dan is zij met haar gedicht rechtstreeks in gesprek met Tolkien. En omdat subcreatie, taal en mythologie zo nauw raken aan de passies van Tolkien, zo dicht bij zijn persoonlijkheid staan, vind ik dit een heel bijzondere ‘ontmoeting’ tussen twee schrijvers.

Volstrekt anders van aard is het stuk van Tom Shippey, waar hij ingaat op Tolkiens poëzie in alliteratieve verzen, zoals The Lay of the Children of Húrin en The Legend of Sigurd and Gudrún. Hij behandelt het (complexe) metrum en enkele problemen die Tolkien ondervond bij het schrijven van gedichten in Modern Engels volgens Oudengelse regels. Het artikel is behoorlijk technisch en vereist aandachtig lezen. Gelukkig kan Tom Shippey boeiend schrijven, waardoor zelfs dit stuk, duidelijk bedoeld als academische bijdrage, leesbaar is. Ook omdat Tom Shippey met een enorme kennis van zaken zijn visie op het onderwerp geeft. Het artikel wordt afgesloten met een oproep aan de Lembas Extra lezer om de openstaande vragen te beantwoorden. Ik ben benieuwd wie de handschoen oppakt.

In The Song of Durin behandelt Ben Koolen de geschiedenis van het geslacht van Durin, één van de zeven Dwergvaders, en hun (belangrijkste) woonplaats Khazad-dûm, aan de hand van het gelijknamige gedicht in The Lord of the Rings. Omdat Ben Koolen vanuit ardalogisch standpunt zijn verhaal vertelt, krijgen bekende feiten toch een interessante betekenis. Bijvoorbeeld als hij het heeft over het ontstaan van de Dwergen in relatie tot de rivaliteit tussen de twee rassen. Hierbij beschouwt hij het verhaal over de creatie van de Dwergen (uit The Silmarillion) als een mythe die door de Dwergen is verzonnen in antwoord op de pretenties van de Elfen als eerstgeborenen. Zo had ik het nog niet bekeken!

De keuze van editor Cecile van Zon om een Lembas Extra rondom een thema op te zetten, in plaats van een verzameling artikelen zonder gemeenschappelijk onderwerp, heeft wat mij betreft goed uitgepakt. Veel beter dan een enkel artikel, biedt deze Lembas Extra een blik op de vele facetten van het dichtwerk van Tolkien en hoe nauw poëzie en proza verweven zijn in zijn werk. Ook de opmerking van Chris Jones, te vinden in het artikel van Tom Shippey, klinkt opeens zo vreemd niet meer:

“There is a good case to be made for suggesting that Tolkien is the most popular poet of the twentieth century, …”

Jaap van ‘t Hoff

De Lembas Extra is te koop bij de Tolkienwinkel of te bestellen via lembas@unquendor.nl